Bibliotheek

Dankzij LinkedIn (echt gebruiken hoor, geweldig social mediummiddel), kreeg ik onlangs dit onder ogen:

‘Via Twitter laat NRC Hoofdredacteur Peter Vandermeersch (@pvdmeersch) weten dat het NRC Journalistiek Jaarverslag 2018 beschikbaar is. Door een mailtje te sturen aan p.vandermeersch@nrc.nl lag het boekje (A5-formaat, 40 pagina’s) twee dagen later op de deurmat. Een mooie doorkijk hoe de krant werkt plus 18 boeiende verhalen van de chefs van de redacties waarom een verhaal of project hen zo raakte. Aanrader voor iedereen met belangstelling en/of passie voor de journalistiek.’

Waarvan akte. Ik mailde de NRC-hoofdredacteur en twee dagen erna, had ik het boekje binnen. “We zijn op de wereld om aan journalistiek te doen”, schreef hij in zijn voorwoord. Ik ging in gedachten terug in de tijd. Wilde ik als kleine jongen ook journalist worden? Of toch politieagent, brandweerman of rijk zonder wat te doen? Eerlijk gezegd, weet ik het niet meer.

Wat ik nog wel weet, is dat ik al op jonge leeftijd schreef. Voor de schoolkrant, een vlammend verslag over een schoolreisje of als E-pupil van SVZW uit Wierden over de verrichtingen van mijn voetbalteam. Ik herinner mij nog deze zinsnede. 'We streden tegen DES en stonden met 1-3 achter, maar dat pakte heel anders uit en we wonnen met 4-3.’ Ik was negen of tien jaar denk ik. Jaren later werd ik hoofdredacteur van SVZW met heuse redactievergaderingen tot later dan laat. Kom daar nu maar eens om. Clubbladen bestaan nauwelijks meer, redactievergaderingen dus ook niet en wie is er tegenwoordig nog bereid een blad te beginnen in verenigingsland?

Eenmaal op de middelbare school, bleef ik zitten in 5 atheneum, maar omdat ik mijn zinnen toen wel had gezet op de school voor journalistiek in Zwolle, ging ik naar 5 havo. Geslaagd en wel, schreef ik mij in. Opgetogen ging ik met twee leerlingen in de trein van Wierden naar Zwolle. Met mij reisde onder meer Marc Adriani mee. De huidige directeur van Talpa en een DJ die een aantal jaren de Top2000 presenteerde! Hij wist eigenlijk helemaal niet wat hij wilde en dacht dat dit wel leuk was. Op Windesheim aangekomen, moesten we een heuse spellingstoets doen.

Haalde je die niet, dan lag je er meteen uit en was je af. Had je ‘m wel gehaald, dan was het geduld opbrengen aangebroken. Uiteindelijk kreeg ik bericht dat ik nummer 283 op de wachtlijst was en oh ja, dat ik de spellingstoets had gehaald. Het wrange was dat Adriani en die andere leerling (Karlijn Veld) wel waren ingeloot. Die twee werden prompt een stel en zijn dat bij mijn weten nog steeds. Waar zo'n opleiding toch allemaal niet goed voor was...Ondertussen was het al diep in juni. Wat moest ik nu? We praten over 1991. De diensttijd liep op de laatste legerbenen, maar de oproep gold nog wel voor mij.

Contact met Defensie. Een mogelijke plaatsing ergens in november en dan na 12 maanden eruit. En dan drie maanden later op een opleiding instromen? Nee, dat werd ‘m niet.

Een jaar lang in de supermarkt werken? Mwah.

Een andere opleiding dan maar? Maar welke? Uiteindelijk werd het Hoger Economisch Onderwijs op Saxion Hogeschool in Deventer. Dat klonk best aanlokkelijk, met vakken als informatiemanagement, informatievoorziening, schriftelijke en mondelinge taalvaardigheid. Het had dus wel wat raakvlakken met Hoger Informatie en Communicatie Onderwijs, zoals de journalistieke opleiding in Zwolle officieel heette. Toen nog wel, uiteindelijk studeerde ik af aan de Faculteit Journalistiek en Communicatie. Maar welke opleiding ging ik in Deventer nu precies volgen? De bibliotheek documentaire informatie (BDI) opleiding. Na een jaar behaalde ik mijn propedeuse en kon ik in september dan toch naar het HICO in Zwolle. De BDI dus en daar wil ik het graag bij laten.

 

 


Laat een bericht achter - aantal berichten: 0



Bent u de eerste die reageert?



Laat een bericht achter

naam
e-mail
website
bericht
Schrijf elf in cijfers: