Centjes

Ik was deze week in gesprek met een potentiële opdrachtgever en ik vertelde wat over mezelf. Mijn grootste wens is en blijft toch wel om een eigen sportcommunicatiebureau te beginnen. Dat je zeg maar kunt leven van alles wat met communicatie en sportverenigingen te maken heeft. Daar mijmer ik regelmatig over. Ik doe ook aan dagdromen. Dat is het voordeel als je ZZP’er bent.

Ik zie mij al de interne communicatie/ledencommunicatie (interessant artikel, scroll even naar kopje…communicatie) doen voor een volleybalvereniging, of media-advies geven aan een gerenommeerde voetbalclub, terwijl ik ondertussen de leden van de businessclub van de basketbal wegwijs maak met hoe in de media te komen. En als ze die aandacht hebben hoe ze dan de juiste dingen doen. Maar ook wat te doen als ze ongewild in de media komen. Inderdaad, media-attendering, media-advisering en media-alarmering. Heel goed! De media-organisatie van Mediabureau MEER.

Ondertussen denk ik verder. Voor een tennisvereniging zou ik, als het gaat om online en offline communicatiemiddelen kunnen initiëren, adviseren maar ook uitvoeren. Denk aan een presentatiegids, een sponsorflyer of een businessmagazine en meer. Ondertussen bekijk ik de presentatie die de verenigingsvoorzitter van de hockeyclub vanavond tijdens de ledenvergadering moet geven en ik houd mij intensief bezig met het formuleren van de kernwaarden van de nieuwe badmintonclub die net gefuseerd is. Er komt een opdracht binnen om mee te denken over de profilering van een handbalvereniging, die zich wil onderscheiden, positioneren en manifesteren.

Mijn gedachten dwalen allesbehalve af. Mijn sportcommunicatiebureau kan nog veel meer?

Bij diezelfde voetbalvereniging leeft een sterke wens om de spelers en speelsters die met enige regelmaat met media te maken hebben, mediatraining te geven. Eigenlijk zeg ik het verkeerd: media-coaching vind ik beter. Je moet niet iedereen hetzelfde kunstje leren, maar ervan uit gaan dat eenieder op de één of andere manier kan communiceren. Dat is het een kwestie van uitleggen hoe het werkt, wat te doen en het daar eigenlijk bij te laten. Maak niet van iedereen een getrainde mediaman of -vrouw. Juist niet!

Wat verder een mooie opdracht zou zijn voor mijn sportcommunicatiebureau? De social mediakanalen van iedere sportvereniging. Niet alleen het beheer, maar ook om het waarom en hoe uitleggen. Helaas is het nog steeds zo dat clubs de oren laten hangen naar welwillende vingeropstekers die daar verstand van hebben (of zeggen dat te hebben) en vol enthousiasme aan de slag gaan.  Alle social mediaregisters gaan dan open. Twitter, Facebook, Instagram, LinkedIn, Snapchat, You Tube. Gescoord moet er worden. Maar het is toch allemaal wel veel werk en wat vervelend dat er ook aan social media gedaan moet worden op de zaterdagmiddag net als je compleet uitgeblust en opgebrand bent na je eigen gespeelde wedstrijd. Juist dan! Hoe vaak zie je niet 0.0 social media-activiteit op de drukste sportdag van de week?
En dan hoor je ook allemaal gezeik op het moment dat het niet goed is, terwijl er geen enkele vorm van communicatie is, als er wel wat gepost is. Het is niet alleen veel werk. Het is ook nog eens ondankbaar. Laat maar dan. Met als gevolg dat de social mediakanalen onder het smoezelige stof een zachte dood aan het sterven zijn.

Hoe ga je om met social media versus je eigen website? Oftewel hoe zet je je online communicatie zo goed mogelijk in? Ook zo’n mooi vraagstuk. De internetsite is toch een verzamelplaats van oude wedstrijdverslagen, lappen tekst over de gloriejaren en allerlei documenten die geen status, waarde en bekendheid meer hebben, maar toch beschikbaar gesteld moeten worden? Daarom is onze website DE bibliotheek van de vereniging. We communiceren open en transparant (bron: beleidsplan 1999) en daarom zenden we zoveel mogelijk. Of toch niet? Wil de geïnteresseerde alleen maar het programma snel zien, nog een keer de uitslagen checken en wellicht één of twee nieuwsberichtjes aanklikken?

Ooit gehoord van sponsorcommunicatie? Typisch iets voor mijn sportcommunicatiebureau. Dat heeft alles met aandacht en attentie te maken. Een sponsor wil uit goodwill – ik geloof niet in het vergroten van naamsbekendheid – best wel wat centjes in een vereniging steken. Maar diezelfde sponsor wil ook serieus genomen worden, in de spotlights staan en gewoon wat aandacht in de vorm van dankbaarheid. Dat betekent een attentie, een fotootje op social media (bij voorkeur niet gedraaid en wel scherp) en desnoods nog een keer wat extra aandacht in de offlinemiddelen. Ik schreef er eerder al een blog over. Hoe het dus niet moet.

Social media is gratis en gemakkelijk te delen content. Hoe interessant, gemakkelijk en goedkoop is dat als je het hebt over sponsorcommunicatie? Nog een issue. Offlinemiddelen zijn toch uit de tijd? Nee hoor. We blijven een traditioneel verenigingsvolkje dat nog veel waarde hecht aan een gedrukt exemplaar met bewaarstatus. Dus een presentatiegids waarin je de hele vereniging belicht, dat je verspreidt en waar je samen trots op bent, is nog immer een prima communicatiebindend PR-middel.

Terug naar het begin. Het gesprek ging verder. Ik legde uit dat een sportcommunicatiebureau niet mogelijk is, omdat verenigingen geen geld hebben en er geen centjes voor over hebben. Een verdienmodel is gewoon erg lastig. Haar antwoord: “Als ik jou was, zou ik het gewoon proberen. Daarmee onderscheid je je wel en het is meteen duidelijk wat je doet. Dus waarom niet?”

Inderdaad, waarom niet?

Ook enthousiast geworden over dit idee? Meedenken over een concept? Ervaringen met een sportcommunicatiebureau? Of zie ik het allemaal helemaal verkeerd?
Zoek gerust contact met mij op www.mediabureaumeer.nl/contact.


Laat een bericht achter - aantal berichten: 0



Bent u de eerste die reageert?



Laat een bericht achter

naam
e-mail
website
bericht
Schrijf vijftien in cijfers: