Pet

Blog 163 – 12 november 2019

Wanneer dringt het belang van communicatie in de sport nu toch eens door?

Als mensen mij vragen wat mijn droombaan is, dan floept bij mij nog steeds ‘perschef bij Ajax worden’ eruit. Dat is al jaren zo. Het managen van alle media-aanvragen, het beleid inkleuren, het faciliteren van de pers, maar ook het nadenken over beeldvorming, het inspelen op de enorme belangen en natuurlijk het persoonlijke contact met trainers en spelers. Het lijkt mij allemaal zo geweldig en tegelijkertijd totaal onhaalbaar. Want ik heb geen kruiwagen, geen bekende kop of connecties, geen staat van dienst waar je u tegen zegt en ik heb al helemaal een niet-Amsterdams accent. Want dat moet je ook hebben.

Ooit solliciteerde ik bij Ajax op een communicatiefunctie. Vol ijver en overtuiging schreef ik een brief. Het grote wachten was begonnen. Er gebeurde niets. Totdat ik zelf maar een keer ging bellen. Ik sprak een headhunter van een Amsterdams werving- en selectiebureau, waarvan ik de naam allang weer vergeten ben. De beste man onderbrak mij al na één zin. “Zo te horen kom je niet uit Amsterdam en ik mag het eigenlijk niet zeggen, maar dan houdt het op.”
Bespaar je de moeite. Nu en ooit. En solliciteer nooit meer. Daar kwam het eigenlijk op neer. Maar dan netjes.

Moet je tegenwoordig doen. Dan worden over die ernstige accentdiscriminatie Kamervragen gesteld. En kom je in verweer. Ik deed niets, behalve verder dromen over die baan. Maar is het wel zo’n droombaan? Natuurlijk, je vliegt overal naar toe, ademt voetbal in volgepakte stadions en bent onderdeel van voetbalgeschiedenis schrijven.

Maar je wordt ook geleefd. Heel veel dagen, sterker nog eigenlijk altijd. Je hebt het maar te doen met de heren voetballers met hun huiskappers, hun hoofdtelefoons en hun ongecontroleerde social mediagedrag, al da niet ingefluisterd door meerdere zaakwaarnemers. En hoor je er wel echt bij als perschef? Zien de spelers je wel staan? Of ben je alleen maar lastig?

Onlangs mocht ik met mijn twee zoontjes in de catacomben zijn, voorafgaand aan de wedstrijd PEC Zwolle tegen Ajax. Miel Brinkhuis, de perschef stond wat afzijdig te kijken naar de opkomst. Even daarvoor liep de huidige teammanager Jan Siemerink (heeft een Rijnsburgs accent, mag dat wel?), driftig te bellen. Hem werd geen blik waardig gegund en liep er ontzettend verloren bij.

Misschien deed hij wel alsof. Had hij iemand gevraagd om hem op een bepaald tijdstip te bellen. Of had hij helemaal niemand aan de lijn. Niemand vond het gek dat een teammanager een paar minuten voor de wedstrijd al bellend rondjes liep. Word je eigenlijk wel serieus genomen als je niet echt deel uitmaakt van het team, terwijl je er wel voor moet zorgen dat alles zo goed mogelijk geregeld is voor de heren voetballers? Organisatorisch (Siemerink) en als het om de media gaat (Brinkhuis).

Ik moest er aan denken toen ik maandag dit las. PSV-trainer Mark van Bommel die het allemaal verkeerd had gedaan met het passeren van doelman Jeroen Zoet. Een pijnlijke communicatiefout, werd gezegd en geschreven. Zoet, international moest brommen vanwege zijn matige optredens van de laatste tijd. Wel had hij het idee dat hij tweede doelman was in het uitduel tegen Willem II. Verkeerd gedacht.

Van Bommel stuurde zijn doelman na de warming-up naar de tribune, omdat hij niet wilde dat journalisten met een tegengoal bankzitter Zoet in beeld of kladblok zouden vastleggen. Dus toen Zoet die boodschap eenmaal gecommuniceerd kreeg, ging hij alvast maar in de spelersbus zitten. Dat de media daar dan op inzoomde en op doorging, daar begreep Van Bommel voor de NOS-camera dan weer helemaal niets van.

Je zult maar perschef zijn. Mag je zo’n actie van een trainer even rechtbreien. Het meest opvallende vind ik in die gevallen dat simpelweg niemand nadenkt over de gevolgen. Alsof je zo’n actie onder de pet kunt houden. In tijden van ontelbare social mediakanalen, de media die overal opduikt, oprakelt en alles wat bijna voetbalnieuws is publiceert.

Van Bommel heeft zich dat allemaal niet gerealiseerd. Hij laat perschef Thijs Slegers het allemaal oplossen en komt met het enige dat hij kan doen: excuses. Dat is hem vast geadviseerd. Maar reken maar dat het – ook gezien de nederlaag – geen leuk weekend was bij PSV.

Niet alleen op het allerhoogste niveau vinden dergelijke uitglijders plaats. Bij de amateurs van DVS’33 Ermelo was er ook het nodige aan de hand. De trainer die weggaat. Hij wil zijn spelers dat als eerste mededelen (goed!) en hoopt, denkt en ervan uitgaat dat dat onder de pet blijft (slecht!). Heel naïef. En je kon erop wachten. Een overijverig lid van de technische commissie praat zijn mond voorbij en bevestigt het vertrek.

En de club weet ineens niet wat ze moet doen met dit nieuws. Ik heb nog even de social mediakanalen bekeken van de club, net als de website. Geen woord. Geen letter. Helemaal niets. Geen statement, een verklaring of uitleg. De mededelingen van het bestuur beperken zich tot een aantal in memoriams en wat nieuws uit 2017. Op Twitter, Facebook en Instagram, ook helemaal niets. We hebben het wel over een club die op het vierde niveau van Nederland speelt en mogelijk – gezien de huidige ranglijst – nog een stap hogerop gaat.

Wat een amateurisme. Je kunt nu niet meer met een verklaring komen. Dus maar hopen dat het overwaait, zullen ze in Ermelo denken. Wanneer dringt het belang van communicatie in de sport nu eens door?
Wijlen journalist Loek Laurman schreef het ooit over organisatie en de communicatie bij de Elburger SC. Trouw kopte zijn analyse met: ‘Mannetjes, macht en geld.’ Dat is tegenwoordig, ook op communicatiegebied, nog steeds meer dan waar.

Zou er misschien een perschefvacature bij DVS’33 zijn?

 

 


Laat een bericht achter - aantal berichten: 0



Bent u de eerste die reageert?



Laat een bericht achter

naam
e-mail
website
bericht
Schrijf dertien in cijfers: