Brievenbus

Blog 310 – 13 april 2021

Houd het (Ver)simpel(team)

Onze teksten moeten eenvoudiger. Daarom heeft de gemeente Zwolle het Versimpelteam. Wij maken teksten eenvoudiger. Zodat iedereen ze begrijpt. U kunt ons op verschillende manieren helpen:

Via het Meldpunt Moeilijke Teksten kunt u lastige teksten van de gemeente Zwolle melden. Wij zorgen dan voor een tekst die wel duidelijk is. Heeft u een goed gevoel voor taal? Of begrijpt u juist helemaal niets van onze teksten of brieven? Meldt u dan aan voor ons lezerspanel. U mag dan een paar keer per jaar uw mening geven over een tekst die u van ons krijgt. Zo maken we samen onze teksten beter.

Ik wil me aanmelden voor het lezerspanel.

Bovenstaande tekst las ik onlangs op de website van de gemeente Zwolle. Het eerste dat ik dacht was van ik had in plaats van ‘me’ ‘mij’ geschreven en het tweede was, ik ga mij aanmelden.

Onlangs kreeg ik post van het Versimpelteam. Daarin zat een te beoordelen brief over het aanvragen van een bezoekersparkeervergunning, een parkeerbezoekersvergunning, nee een vergunning voor bezoekers om te parkeren. Gisteren maakte ik als een volleerd schoolmeester de nodige opmerkingen in die tekst (dat was de namelijk de manier), vulde de vragenlijst in en gooide het in de brievenbus.

Taalpolitie, taalmierenneuker en zelfs taalnazi. Zo word ik weleens genoemd op social media, in de mail of app. Er zijn maar liefst 350 woorden – als ik Google moet geloven – die beginnen met het woord taal.  Woorden als taaleiland, taaltuin en taalstam zeggen mij niet echt veel. Toch zie ik raakvlakken met de lijst: ik ben een taalprof, taalliefhebber en een taalman.

Kortom, taal heeft mijn interesse. Bovenmatig zelfs. Ik verbeter meteen fouten als ik ze zie, als social mediagebruikers mij onder vuur nemen, de les lezen of bekritiseren en daarbij een spelfout maken, dan meld ik dat. Meestal hoor of lees je zo’n iemand niet terug. Ik hoop dat mensen dat ook bij mij doen. Graag zelfs. Een tikfout vind ik oliedom en heel slecht van mezelf, maar een spelfout in een social mediabericht…Ik herstel het meteen en wis direct een tweet als ik het zie.

Ooit las ik een column van Marie-José Verweij op Alphensnieuwsblad.nl. Er zijn dagen dat ik niet op die site klik, maar deze keer dus toevallig wel. Verweij is copywriter, taaldocent en ook juf. Zij vertelde dat zij zich als invalleerkracht op basisscholen grote zorgen maakt over de spelling van de leerlingen. In het nu, maar ook voor later.
“Het simpelweg niet meer kunnen toepassen van de aangeleerde spellingsregels - vind ik misschien nog wel schrijnender. Juist omdat ik als invalleerkracht op basisscholen zie hoeveel tijd er dagelijks wordt besteed aan spelling en taal. Ik vind het dan vreemd - los van dyslexie - dat er klaarblijkelijk een omslagpunt is waarna mensen de regels abrupt vergeten.”

Zij denkt dat de vele spellingsfouten twee oorzaken hebben. De persoon in kwestie weet niet meer hoe het wél moet. Daarnaast is er sprake van desinteresse in het juiste taalgebruik onder het mom van 'je begrijpt toch wat ik bedoel of niet soms?'

Ik kan haar column alleen maar beamen. Het is ook zorgelijk. En om eerlijk te zijn, zie ik geen oplossing, behalve een Versimpelteam. Ik kom daar zo nog op terug.

Toen ik bij de politie kwam te werken, draaide ik volop diensten mee. Ik mocht ook mee met een verhoor, waarbij een 13-jarige stoere winkeldief het plotsklaps op een huilen zette, was live bij een aanhouding van iemand die je niet in de cel verwachtte (sorry beroepsgeheim) en keek met een agent mee die een proces-verbaal aan het opmaken was. De zinnen vlogen over het computerscherm en ik las geïnteresseerd mee. Of het een soort van automatisme was weet ik niet, maar ik wees de verbalisant gewoon doodleuk op d’s en t’s fouten. Met enige regelmaat, ook dat nog. Op een gegeven moment tikte ik zelfs met mijn pen tegen het scherm. Weer een fout, meneer agent!

Blijkbaar ontstaat er na onze schooltijd een soort van leemte in de spellingsregels. We onderhouden het te weinig, spijkeren onze taalkennis al helemaal niet meer bij en het interesseert ons niet eens (meer). Zo zonde. En tegelijkertijd zorgelijk. Verweij zei het al, die mensen moeten later een foutloze sollicitatiebrief kunnen schrijven. Dat gaat toch niet goedkomen?

Of wat te denken van een officier van justitie die een proces-verbaal leest vol fouten. (De verdachte sloeg de man met een hard voorwerp op zijn hooft). Dubbel pijnlijk toch? Maar wel een gemaakte fout door die agent. Dat komt toch totaal niet geloofwaardig over?

Of een vacaturetekst beginnen met ‘Wordt jij mijn nieuwe collega?’ Nou nee dus. Overigens ben ik tegenwoordig drukdoende met het schrijven en redigeren van vacatureteksten. Wat ik daar soms lees aan interessantdoenerige termen, ellenlange zinnen en alinea’s waarvan ik denk van ‘van wat voegt het nu concreet toe’, is simpelweg niet uit te leggen. Wie dat doet? Voorbeelden? Helaas…beroepsgeheim. 

Dat brengt mij wel bij de oplossing, die volgens mij tweeledig is: constante aandacht voor spelling en dus taal. Toen ik op de school van journalistiek kwam of beter gezegd wilde komen, moest ik een spellingtest doen. Haalde je die niet, dan was je af en werd je niet toegelaten. Tegenwoordig is die toets afgeschaft. We hebben het dus over de opleidingen journalistiek, maar ook communicatie. En als er toch één beroepstak is die opvallend veel taalfouten maakt en geen goede teksten meer maakt…

En als tweede, meer Versimpelteams, Klare Taal (dat verstaan is overigens nog wel een dingetje) of hoe het ook maar mag heten. Standaard, overal en altijd. Taalkenners die mensen helpen om begrijpelijke teksten te maken en om teksten begrijpelijk te houden voor de lezer. Geen geploeter meer, uren getob of versie 100.001. Dat kost tijd en geld. Simpel zat. Laat het over aan de professional, de liefhebber en geef het schrijven van tekst uit handen en pak aan die helpende hand. Ieder zijn vak. Jij weet alles over parkeervergunningen, ik over tekst.

Ik sluit ook graag tweeledig af. Met twee citaten. Een oude en nieuwe: “De taal is het voertuig van de geest, maar ons Nederlands is wel een krakende wagen geworden.” Was getekend wijlen Driek van Wissen, taalpurist. Afgelopen weekend las ik in de Volkskrant een interview met Herman Brusselmans. Aan schrappen doet hij niet en nooit. “Het verhaal staat er in één keer. Je zou ook kunnen zeggen: die herschrijving heb ik al gedaan voor ik begin te schrijven.”

 

 


Laat een bericht achter - aantal berichten: 0



Bent u de eerste die reageert?



Laat een bericht achter

naam
e-mail
website
bericht
Schrijf elf in cijfers: