Meermaals 261

29-07-2026

Waarom het vak Mediakunde verplicht moet worden

Inherent aan vroeg vakantie, is ook weer tijdig (mwah) naar school. Officieel eindigt maandag 17 augustus het zomerreces, in het Noorden, maar ik gok vanwege een last minute ingelaste studiedag, het fonkelende begin van de bufferweek, hopeloze miscommunicatie, plotselinge systeemuitval, de nog vakantievierende roostermaker (mag die ook een keer?), ernstig vertraagd onderhoud aan het schoolgebouw of gewoon de wij-wijken-af-en-beginnen-later opvatting, geloof ik niet dat mijn kroost die maandag de schoolbanken inschuift.

Ik blijf mij erover verbazen en misschien is dit helemaal niet terecht, maar toch. Als vader van twee (puberende) zonen maak ik het soort van vijf dagen in de week mee. Het wel en wee van school. Ik voel en denk met ze mee en waar ik vooral wat van vind, is dat ze een essentieel vak helemaal niet gedoceerd krijgen. Niet op het mbo en ook niet op het hbo.

Kraagjes omhoog

Laat ik het mediakunde noemen. Ho, maar wacht eens even. Het vak mediakunde bestaat toch wel? Ik slingerde AI en Google aan en stuitte op Het Hooghuis Titus Brandsmalyceum. Dat klinkt als een school uit het Gooi en een hoog kraagjes omhoog gehalte, maar het is een VO-school uit Oss. Daar geven ze mediakundelessen. Tenminste. Ik druk, ik ververs en klik, maar de pagina blijft leeg.

Mijn insteek is en blijft, hoe werken media en publiciteit als je er zelf mee te maken hebt. En vroeg of laat hebben we dat allemaal. En ik stuit in mijn zoektocht veel op het begrip mediawijsheid, maar dat zit toch veel meer in de hoek van de week van, bewustwording en hoe om te gaan met social media.

Ik noem twee voorbeelden.

Een flinke poos geleden kreeg ik via verkoop van Brugmedia een mail doorgestuurd met een verzoek. ‘Binnenkort hebben we bij onze voetbalvereniging een groot internationaal paas voetbaltoernooi genaamd […]. Nu willen als […] graag een artikel laten plaatsen in de Swollenaer en/of [...] Kan zoiets en waar kunnen we het artikel aanleveren voor plaatsing?’

Of een lid van een gymnastiekvereniging, die een onderwerp aandroeg voor de redactie: ‘Ik vraag het toch maar even, maar dat is toch gratis?”

Nu is dit maar klein bier. Maar ik verbaas mij er wel over hoe weinig mensen weten hoe publiciteit werkt, wat je moet doen als je nieuws hebt, dat je een colofon kunt raadplegen, dat je niet hoeft te betalen voor een artikel en ga zo maar door. En als er eenmaal een interview afspraak is uitgerold, hoe het dan werkt.

Voorgekauwde prak

Als journalist is het verhaal dat je een afspraak maakt, je de insteek bepaalt en je je goed voorbereidt. Soms wil de geïnterviewde van tevoren de vragen weten. Daar moet je als interviewer niet te moeilijk over doen, maar je moet ook niet alle vragen letterlijk aanreiken. Dan wordt het vraaggesprek voorgekauwde prak zonder jus.

En heeft het interview plaatsgevonden, wat spreek je af over het vooraf lezen, iets dat geen (!) verplichting is? Nog zo’n misvatting. Dat kan twee kanten opwerken. Soms bij een best wel ingewikkeld onderwerp, waarbij ik nog meer baat heb bij dat het correct gepubliceerd wordt, bied ik het zelf aan. Andersom gebeurt veel vaker. De bottleneck is dan vaak wat mag je verbeteren en wat niet. Inderdaad, die dekselse feitelijke onjuistheden. Maar wat zijn dat?

Drie valkuilen

Nou een verkeerde naam, een onjuist citaat of iets anders dat niet klopt. Daarover moet je niet moeilijk doen. Hup verbeteren, aanpassen en corrigeren. Alleen zijn er drie valkuilen.

Niet lezen of willen begrijpen wat feitelijke onjuistheden zijn. Of de kaart trekken van ‘maar wat ik mooier vind is deze tekst of woorden’ en daarna zelf gaan (her)schrijven wat helemaal niet in de lijn past van het interview. En als derde dat geïnterviewden gaan schuiven met alinea’s, waardoor taalbruggetjes, de beoogde volgorde en vooral de samenhang in het artikel verloren gaan. Tot als het niet bevalt, een rectificatie eisen.

Ik probeer het te ondervangen met het verschil te duiden tussen feitelijke onjuistheden en tekstsuggesties. ’Tekstsuggesties zijn welkom, maar het is aan mij om te beoordelen of de tekst er beter van wordt.’

Goede banen

Ik snap dat niet iedereen dit proces tot in de finesse beheerst. Maar ik zet toch mijn vraagtekens bij hoe weinig en – nu houd ik het heel algemeen – men weet over hoe media werken.
Ieder zijn vak, laat dat duidelijk zijn. Maar media, communicatie en journalistiek; we hebben er allemaal de mond vol van en we hebben er allemaal verstand van en allemaal een mening over. Prima, maar laten we het dan ook in goede banen leiden. Te beginnen op school. Dat is toch geweldig nieuws?


Laat een bericht achter - aantal berichten: 0

Bent u de eerste die reageert?



Laat een bericht achter

naam
e-mail
website
bericht
Schrijf tien in cijfers: