Terras

Blog 324 – 4 juni 2021

Nooit meer zaterdag

Mijn oog viel donderdag op een post op LinkedIn van Rob Pietersen. Hij is communicatieadviseur van Vluchtelingenwerk Zuidwest-Nederland, oud-journalist van Trouw en freelance tekstschrijver. Hij schreef dit: “In 2006 schreef ik samen met oud-prof Michel Boerebach het boek Nooit meer Zaterdag over de ramp die hem overkwam. Drie jaar daarvoor verongelukten zijn zoontjes Lesley en Sven. Zwartere gaten worden er niet gemaakt, Michel liet zien en vertelde hoe de hel er mogelijk uitziet. Het schrijfproces was onvoorstelbaar heftig. Allereerst en bovenal voor hem natuurlijk.”

“Vandaag kwam het jaarlijkse royalty-overzicht van de uitgever. In 2020 is het ‘monument voor zijn jongens’ toch weer 117 keer verkocht en 36x gedownload. ‘Bestsellertje, Rob. We lopen binnen’, appte, grapte Michel. Nee, het zijn geen Sywertiaanse bedragen...We zijn 15 jaar verder. Tijd heelt niet alle wonden en de royalties vergoeden ook niet alles. Maar de vriendschap die toen ontstond, is veel meer waard. Tot snel, Michel!”

Het maakte meteen weer diepe indruk op mij. Ook omdat ik er zijdelings bij betrokken was. Het boek gaat over Michel Boerebach, die zijn beide zoontjes verloor bij een verkeersongeval in Biddinghuizen. Ik kwam met schrijver Rob in gesprek, toen ik nog bij Politie Flevoland werkte en hij verhaal kwam halen. Voor zijn verhaal. Over hoe alles gegaan was, wat de politie allemaal gedaan had en wat niet en hoe Boerebach het nieuws te horen kreeg of had moeten krijgen. In alles sijpelde de waarom vraag door. Hoeveel informatie er ook verzameld werd en hoe lang er ook gepraat werd, die vraag kon simpelweg niet beantwoord worden.

Het was 22 juli 2003 toen Lesley (12) en Sven (9) Boerebach bij een dramatisch auto-ongeluk om het leven kwamen. Een roekeloze automobilist veroorzaakte het ongeval. De ex-vrouw van Boerebach, Dora zat achter het stuur van één van de tegemoetkomende auto’s. Zij werd dusdanig geraakt dat ze de macht over het stuur verloor. Lesley kwam meteen om. Sven overleed drie dagen later, terwijl hun moeder nog in coma lag, waaruit ze uiteindelijk ontwaakte. De collega’s uit Lelystad, want daar stond Boerebach ingeschreven, hadden grote moeite om de vader van de twee jonge kinderen te traceren. Uiteindelijk bleek hij buiten de provincie te zijn en werd hij op de hoogte gebracht van het vreselijke nieuws. Ik kan mij een voorstelling maken hoe dat gesprek gegaan is, maar ik merk aan mezelf dat ik dat helemaal niet wil.

Twee jaar later besloot Boerebach om samen met Pietersen het verhaal van zijn twee zoontjes te vertellen om op die manier een papieren eerbetoon te creëren. In het boek worden echter niet alleen herinneringen opgehaald, maar komt ook het werkelijk immense verdriet van een vader duidelijk naar voren. Een gebroken man die eigenlijk niets meer heeft om voor te leven, die door een gitzwarte hel is gegaan en nog altijd niet weet hoe hij de dag van vandaag moet zien te overwinnen. Drank en pillen hielpen hem op de been en in niets wist Boerebach ook maar enigszins troost te vinden, ondanks de hulp van enkele uitstekende vrienden die hem door dik en dun zijn blijven steunen. (Bron: Leestafel.info)

Toen het boek uiteindelijk in 2006 verscheen, nodigde ik Rob uit voor de jaarvergadering van de BZV. Ik was PR-man van de Belangenorganisatie Zaterdagvoetbalverenigingen. Dat betekende de uitgave Zaterdagvoetbal maken, mijn best doen om de landelijke media te halen en ieder jaar een rol spelen voorafgaand aan die algemene ledenvergadering. Die was bijna altijd op de eerste zaterdag in januari, bij de KNVB in Zeist. Ik probeerde dan een gastspreker te regelen. Liefst een bekende uit de voetbalwereld. Erica Terpstra maakte haar opwachting, Evert ten Napel was er een keer, Eric Braamhaar ook en in 2007 Rob Pietersen.

Pietersen vertelde tijdens de jaarvergadering openhartig over zijn boek en las een paar passages voor. Het zette iedereen die dag op zijn plek en het voetbal in het enige juiste perspectief. Dat van een bescheiden bijzaak.

Morgen is het weer zaterdag. Een voetbalzaterdag. Het mag weer, voor het eerst sinds maanden spelen mijn jongens weer tegen een andere tegenstander. Na al die trainingen, onderlinge oefenpotjes en niet-voetbalachtige activiteiten. Ik zie een app voorbijkomen of de kleedkamers nu wel of niet open zijn. En als ze wel open zijn, dat Tomas dan in een nieuw tenue speelt, want die worden niet buiten, maar binnen uitgedeeld.

Olav moet al om 8.00 uur op de voetbal zijn en vooral zijn blauwe reserveshirt niet vergeten, want de tegenstander speelt ook in het wit. Ondertussen mogen de voetbalkantines weer open en mag je weer bier drinken op het terras. Het heeft zowaar wat weg van het gewone leven. Maar wat zegt het, als je beter kunt zwijgen als het nooit meer zaterdag wordt.

Deze week had ik een interview over vitaliteit, weerbaarheid en werkgeluk. Er werd mij verteld dat 1 op de 5 kantoormedewerkers alweer verlangt naar de oude vertrouwde tijd. Lekker met zijn allen op de zaak. Dat aantal neemt toe. Net als het aantal files, zo berichtte RTL Nieuws onlangs. Terug naar het oude normaal. Een belachelijke beschrijving als je zo’n ramp overkomt.

Het bericht van Pietersen deze week zette mij even op mijn plek. Letterlijk, want ik bleef heel lang voor mijn boekenkast staan, omdat ik samen met Tomas een leesboek uitkoos voor school. Het werd uiteindelijk de biografie van Arjen Robben. Het boek Nooit meer Zaterdag kwam ook voorbij. En nog steeds als ik naar mijn boekenkast kijk, ik mijn hoofd buig en de titel op de zijkant lees, kijk ik om. En dan zie ik mijn twee jongens op de bank zitten. Te gamen, voetbal te kijken en te lachen en dan denk ik alleen maar aan waar ik nooit aan wil denken.

Klik hier voor meer info over Lesley en Sven Boerebach.

 


Laat een bericht achter - aantal berichten: 0

Bent u de eerste die reageert?



Laat een bericht achter

naam
e-mail
website
bericht
Schrijf negen in cijfers: